Meester Nathalie Labeeuw

www.cazimir.be

Nathalie is gespecialiseerd in successieplanning, familiaal vermogensrecht en internationaal privaatrecht. Zij adviseert hierbij over de overdracht van familiale ondernemingen en werkt vermogensplanningen uit bij cliënten met een complexe gezinssituatie, al dan niet met een internationaal karakter.

Zij is licentiaat in de Rechten (Katholieke Universiteit Leuven en Université de Poitiers) en Master in het notariaat (Katholieke Universiteit Leuven). Zij was jarenlang assistent aan het Instituut voor Familiaal Vermogensrecht van de Katholieke Universiteit Leuven.

Als advocaat is ze verbonden aan de balie van Brussel.

Zij treedt vaak op als spreker bij financiële instellingen, de Federatie van Notarissen, de Fiscale Hogeschool en de Universiteit Antwerpen. Ook is ze redactielid van een aantal vooraanstaande tijdschriften binnen haar vakgebied.

Recente publicaties en presentaties van Nathalie vindt u hier.


PUBLICATIELIJST


1. LABEEUW N., “De procedure van overlegging van stukken”, noot onder Rb. Antwerpen 15 juni 1999, A.J.T. 1999-00, 879-882.
2. LABEEUW N., “Het primeren van de akte boven de (beweerde) werkelijke wil bij de interpretatie van testamenten”, noot onder Brussel 9 maart 1999, A.J.T.  2000-01, 224-226.
3. LABEEUW N. en VANWINCKELEN K., “Win for life: winnaar krijgt (soms) alles”, Juristenkrant, 2000, afl. 14, 17.
4. W. PINTENS en N. LABEEUW, “Artikel 931 B.W.”, Erfenissen, schenkingen en testamenten-commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Antwerpen, Kluwer, 2002, 1-22.
5. N. LABEEUW, “Artikel 932 B.W.”, Erfenissen, schenkingen en testamenten-commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Antwerpen, Kluwer, 2002, 1-14.
6. R. DEBLAUWE en N. LABEEUW, “De handgift in België als mogelijk instrument voor successieplanning”, Fiscaal tijdschrift vermogen, 2002, 21-31.
7. N. LABEEUW, “Burgerrechtelijke aspecten van giften”, in R. DEBLAUWE en B. PEETERS (ed.), Fiscaliteit van de liefdadigheid, Brussel, Larcier, 2002, 11-61.
8. N. LABEEUW, “Offshore family fortune-report for a working session at the AIJA Congress 2003 in Hong Kong”, AIJA 2003, 1-25.
9. N. LABEEUW, “Wanneer schuldeisers worden geconfronteerd met een nalatenschap”, A.J.T. 2001-2002, 39-43.
10. N. LABEEUW, “De invoering van het homohuwelijk in België”, Nieuwsbrief Notariaat, 2003, nummer 8, 1-4.
11. N. LABEEUW, “Onroerend goed in België”, Fiscaal tijdschrift vermogen 2003, 21-30.
12. N. LABEEUW, “Wet tot wijziging van artikel 909 van het Burgerlijk Wetboek”, Nieuwsbrief Notariaat 2003, nummer 16, 3-5.
13. N. LABEEUW, “Prend mon argent, enlève-moi mon enfant: la gestion des moyens de preuve pour les clients privés- Questionnaire pour une session de travail au Congrès de l’AIJA  Naples 2004”, AIJA 2003, 1-25.
14. N. LABEEUW, “De private stichting als instrument voor vermogensplanning”, Themis Familiaal Vermogensrecht, Brugge, Die Keure, 2004, 59-80.
15. N. LABEEUW, “Wet van 3 mei 2003 op het voorlopig bewind”, Nieuwsbrief Notariaat 2004, nummer 04, 1-7.
16. N. LABEEUW, “De private stichting als instrument voor successieplanning – praktisch bekeken”, T. Fin. R. 2004, 795-807;
17. N. LABEEUW, “De nieuwe Mudawannah of het nieuwe Marokkaanse familierecht”, Nieuwsbrief Notariaat 2004, nummer 13, 1-6.
18. N. LABEEUW, “Schenking versus handgift”, in W. PINTENS en J DU MONGH (eds.), Familiaal vermogensbeheer, Antwerpen, Intersentia, 2004, 37-86.
19. N. LABEEUW, “Recente wijzigingen in het vlaams schenkings- en successierecht”, N.F.M. 2004, 234-246.
20. N. LABEEUW en A. VAN GEEL, “Het Wetboek van Internationaal Privaatrecht: de verwachte ®evolutie…of toch niet helemaal?”, Nieuwsbrief Notariaat 2004, nummer 17-18, 1-9.
21. “Het Wetboek van Internationaal Privaatrecht: de verwachte ®evolutie…of toch niet helemaal? (tweede deel)”, Nieuwsbrief Notariaat 2004, nummer 19, 1-8;
22. “Het Wetboek van Internationaal Privaatrecht: de verwachte ®evolutie…of toch niet helemaal? (laatste deel)”, Nieuwsbrief Notariaat 2004, nummer 20, 1-8;
23. N. LABEEUW, “De wet tot toewijzing van de gezinswoning en tot verzwaring van de strafsancties bij partnergeweld”, Nieuwsbrief Notariaat 2005, nummer 2, 3-7.
24. N. LABEEUW, “Bewind als modaliteit van een testament”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning, 5, Erfrecht en testament, Brussel, Larcier, 2005, 147-148.
25. N. LABEEUW, “Artikel 387 B.W./Ontneming ouderlijk vruchtgenot als modaliteit van een testament”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning, 5, Erfrecht en testament, Brussel, Larcier, 2005, 149-154.
26. N. LABEEUW, “Uitsluitingsclausule als modaliteit van een testament”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE, Handboek Estate Planning, 5, Erfrecht en testament, Brussel, Larcier, 2005, 155-156.
27. N. LABEEUW, “Last van fideicommis de residuo als modaliteit van een testament”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning, 5, Erfrecht en testament, Brussel, Larcier, 2005, 197-200
28. N. LABEEUW, “Last van erfstelling over de hand als modaliteit van een testament/Artikelen 1048-1049 B.W.”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning, 5, Erfrecht en testament, Brussel, Larcier, 2005, 201-205.
29. N. LABEEUW, “Testamentaire voogdij als modaliteit van een testament”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning, 5, Erfrecht en testament, Brussel, Larcier, 2005, 207-208.
30. N. LABEEUW, “De laattijdige neerlegging van de jaarrekening door een vennootschap”, Waarvan Akte 2005, nummer 3, 96-98.
31. N. LABEEUW, “Recht van terugkeer en zakelijke subrogatie”, TEP 2, 2006, 104-119;
32. N. LABEEUW en R. DEBLAUWE, “Schenking voor een Nederlandse notaris: geldig? Waarom niet?”, Nieuwsbrief successierechten, nr. 8 15 september 2006, 1/11.
33. N. LABEEUW, “De laattijdige neerlegging van de jaarrekening door een vennootschap: de sanctionering gewijzigd”, Waarvan Akte 2006, nummer 3, 74-75;
34. N. LABEEUW, “Vrijstelling van successierechten voor de langstlevende partner over de gezinswoning”, Waarvan Akte 2007, nummer 1, 8-11.
35. N. LABEEUW, “Te onthouden familiaalvermogensrechtelijke wijzigingen ingevolge de Afstammingswet 2006”, Waarvan Akte 2007, nummer 2, 51-53.
36. N. LABEEUW, “Opnieuw over huwelijksvoordelen – noot bij vonnis van Rechtbank van Eerste Aanleg te Hasselt van 18 oktober 2006”, Nieuwsbrief Successierechten,
2007, nummer 4, 10 april 2007, 5-7.
37. N. LABEEUW en H. CASIER, “De erfaanspraak van de langstlevende wettelijke samenwonende in vogelvlucht”,  Waarvan Akte 2007, nummer 5, 110-115.
38. N. LABEEUW, “ Alternatieven voor handgift na afschaffing effecten aan toonder”, Professioneel Vermogensadvies, nr. 23, 4-6.
39. N. LABEEUW, “Vrijstelling inzake successierechten voor familiale ondernemingen na arrest Geurts-Vogten”, NNK 2008, nr. 2, 48-49.
40. N. LABEEUW en D. NORE, “ Sterfhuisclausule” toch niet ten dode opgeschreven?”, Fiscoloog nr. 1126, 27 augustus 2008.
41. N. LABEEUW en H. CASIER, “Een hand-of bankgift met voorbehoud van vruchtgebruik…een never endig story”, Nieuwsbrief Successierechten 2008, nummer 10, 6 november 2008, 8-11.
42. N. LABEEUW, “Notariële aandachtspunten bij de implementatie van het erfrecht van de langstlevende wettelijke partner”, NNK 2008/3, 63-65.
43. N. LABEEUW, “De nieuwe regeling inzake de wijziging van het huwelijksvermogensstelsel”, NNK 2009, nr. 1, 16-18.
44. N. LABEEUW en O. DE KEUKELAERE, “ Wijziging huwelijkscontract kan nu eenvoudiger”, Professioneel Vermogensadvies 2008, nr. 21, 1-2.
45. N. LABEEUW en O. DE KEUKELAERE, “Sterfhuisclausule is springlevend”, Professioneel Vermogensadvies 2008, nr. 22, 1-2.
46. N. LABEEUW, “Arrest Grondwettelijk Hof van 26 juni 2008 – Wat valt nog onder het toepassingsgebied van artikel 124 Wet Landverzekeringsovereenkomst?”, Nieuwsbrief Successierechten, nr. 2-3, 9 maart 2009, 1-7.
47. N. LABEEUW en B. VERDICKT, “Successieplanning met een levensverzekering: enkele knelpunten”, TEP 2009/2, 86-109.
48. N. LABEEUW, “Einde van het finaal verrekenbeding in Nederland?”, www.taxtalk.be.
49. N. LABEEUW, “Ge”knokt” en verloren… over het begrip “gezinswoning” in het kader van de vrijstelling inzake successierechten”, Nieuwsbrief Successierechten 2009.